Terug naar nieuwsoverzicht

Spectaculair wandkleed van Inside Outside geïnstalleerd in nieuwe entree Stedelijk Museum Amsterdam

23 mei 2012

Het 200 m2 grote wandkleed dat bureau Inside Outside van Petra Blaisse speciaal voor de nieuwbouw van het Stedelijk Museum Amsterdam ontworpen heeft, wordt deze week geïnstalleerd in de nieuwe entreehal en restaurant van het museum aan het Museumplein. Het monumentale zwart-witte wandkleed is 31 meter breed en op het hoogste punt 14 meter hoog. Daarmee is het het grootste wandkleed dat Inside Outside tot nu toe gerealiseerd heeft. Het tapijt verbindt de oud- en nieuwbouw, draagt bij aan een goede akoestiek in de ruimtes en is tegelijkertijd een opvallend en sfeerbepalend element. Bij de productie van het werk komen ambacht en design samen: het is het resultaat van een intensieve samenwerking tussen Inside Outside en tapijtfabrikant Desso, die speciaal hier voor innovatieve weeftechnieken combineert.

Het wandkleed grijpt ook terug op de beroemde Franse en Belgische gobelin-tapijten uit de 17e eeuw, die vaak landschappen en belangrijke gebeurtenissen verbeelden. De verschillende weeftechnieken, met zogeheten 'slapend garen', geven het weefsel een driedimensionaal effect en bovendien de suggestie van beweging. Ook de titel van het werk, Damast, verwijst er naar. Damast is een eeuwenoud subtiel spel van 'omkering': wanneer de ene draad aan de achterzijde is, komt de andere draad naar voren en vice versa. Zo worden voor- en achterkant elkaars spiegelbeeld. De verticale 'damast'-achtige strepen zijn gebaseerd op de Reeks van Fibonacci, die weer is gebaseerd op De Gulden Snede: een terugkerende verhouding die vaak gebruikt wordt in kunst en architectuur. De gelaagdheid en de licht- en schaduweffecten creëren ook een illusie van ruimte.

Het werk van Inside Outside verbindt, letterlijk en thematisch, het historische pand van A.W. Weissman uit 1895 met de nieuwbouw van Benthem Crouwel Architekten. De tekeningen van het nieuwe gebouw zijn samen met de oude plattegronden van het Stedelijk Museum op zo'n manier verwerkt dat de ruimtes erachter 'zichtbaar 'worden. In het ontwerpproces gebruikte autocad-doorsneden van de nieuwbouw van Benthem Crouwel zijn 1:1 afgebeeld en geven zo informatie over wat er zich achter het tapijt bevindt. De officiële codes en aanduidingen van deze ruimtes op bestektekeningen verwijzen daarnaar. Zelfs het handschrift van architect Mels Crouwel is zichtbaar: in het restaurant gaat het door hem geschreven 'centrale hal' vergezeld van een grote pijl, die wijst naar de plek waar inderdaad de hal is.
 
Het gestileerde motief van de Engelwortel, een schermbloemige plant, komt voor op het hele wandkleed. De Engelwortel, zowel een bloem als onkruid, komt veel voor in Noord-Europa en symboliseert het boerenweiland zoals het was voordat het Stedelijk Museum er werd gebouwd. Tot eind 19e eeuw waren op de plek van het Museumplein alleen enkele boerderijen. Het motief verwijst ook naar damast en gobelins, waarin plantenpatronen veel gebruikt worden. In het wandkleed gaan de architectonische tekeningen een dialoog aan met de afbeelding van de Engelwortel; de ene keer domineert de plant en de andere keer de architectuur, in een spel dat steeds verandert.

Het wandkleed is uitgevoerd in zwart-wit en vele tinten grijs die ertussen bestaan. Een bewuste keuze van de ontwerpers. 

"Men verwacht snel een kleurrijk ontwerp, maar wij wilden niet concurreren met de kunst van bijvoorbeeld Karel Appel of Willem de Kooning. Bovendien vonden wij het interessant om te laten zien dat de wereld niet zwart wit is, en dat er vele, vele nuances bestaan. Dat vind ik een belangrijk maatschappelijk en politiek signaal om af te geven, zeker in deze tijd."

Petra Blaisse, ontwerper van Inside Outside

Tapijtfabrikant Desso is partner bij de ontwikkeling van het wandkleed. Dankzij de optimale samenwerking tussen Inside Outside, het Desso-ontwerpteam en de Desso-technici in de fabriek was het mogelijk om in zeer korte tijd een innovatief tapijt te ontwikkelen. Op initiatief van Inside Outside zijn speciaal voor deze gelegenheid verschillende innovatieve weeftechnieken ingezet en komen methodes uit vervlogen jaren opnieuw tot leven.

Wat uniek is aan de gebruikte weeftechniek is dat sommige steken achter de ketting- en inslaggaren blijven. Dit zijn de zogenaamde 'slapende draden'. De slapende draden zorgen voor het 3 dimensionale effect waarop het ontwerp is gebaseerd. Omdat het weefsel bij elkaar gehouden moet worden, iets wat niet meer automatisch gebeurt als je achter de ketting werkt, zijn er zogenaamde 'ribben' in het ontwerp aangebracht. Dit geeft het ontwerp zijn opmerkelijke basisstructuur, die weer de detaillering in de wand van het historische pand resoneert.

  • Deel deze pagina
  • twitter
  • linkedin
  • facebook
  • email